Help
Andere taal

Vertaald door Google Translate. Je browser kan pagina’s ook zelf vertalen.

SCREPLACE

Met SCREPLACE vervang je blocks in de tekening door een ander block, vanuit één venster waarin je kiest wat er behouden blijft en op welke manier je vervangt. Alleen de geselecteerde blocks worden vervangen; de block-definitie zelf blijft intact. Het commando REPLACE is de snelle variant: dezelfde instellingen, maar zonder venster.

Starten

Typ SCREPLACE op de opdrachtregel, of gebruik de knop in het lint op tabblad SCAD Core, paneel Blocks. Heb je vooraf blocks geselecteerd, dan worden die in het venster aangeboden bij Selected Blocks.

Werkwijze

  1. Selecteer eventueel vooraf de blocks die je wilt vervangen.
  2. Het venster Replace Blocks opent. Vink onder Keep from old block aan wat het nieuwe block van het oude moet overnemen (zie Instellingen).
  3. Kies hoe je wilt vervangen:
KnopWat het doet
All InstancesJe wijst een block aan: Select a block whose type you want to replace. Daarna wijs je het nieuwe block aan: Select the block to replace '<naam>' with. Alle blocks met die naam in de tekening worden vervangen, ook in layouts en binnen andere blocks.
One BlockJe wijst het ene block aan: Select the block to replace, en daarna het nieuwe block: Select the replacement block.
Selected BlocksVervangt meerdere blocks tegelijk. Zijn er vooraf blocks geselecteerd, dan staat er (N selected) achter de knop en worden die gebruikt. Anders kies je ze: Select blocks to replace. Daarna wijs je het nieuwe block aan: Select the replacement block.
From Library…Opent SCADLIB (titel SCADLIB — Select replacement block). Kies daar het nieuwe block. Daarna vraagt het commando: Select block you want to replace. Alle blocks met de naam van het aangewezen block worden vervangen.
  1. Heeft het vervangende block dezelfde naam als het oude, dan meldt het commando bij All Instances en One Block: Cannot replace block with itself. Bij Selected Blocks wordt alleen het vervangende block zelf overgeslagen (Skipped the replacement block itself); andere blocks met dezelfde naam worden wel vervangen.

Blocks op een vergrendelde laag worden overgeslagen.

Instellingen

De vier keuzes onder Keep from old block worden onthouden voor de volgende keer, en gelden ook voor REPLACE.

InstellingStandaardWat het doet
Keep scaleaanHet nieuwe block krijgt de schaal van het oude block (inclusief een eventuele spiegeling). Uit: het nieuwe block krijgt schaal 1.
Keep mirroraanEen gespiegeld oud block geeft een gespiegeld nieuw block. Dit telt alleen als Keep scale uit staat; met Keep scale aan wordt de spiegeling altijd overgenomen.
Keep layer and appearanceaanHet nieuwe block krijgt de laag en weergave-eigenschappen (zoals kleur) van het oude block. Uit: het nieuwe block krijgt de laag van het vervangende block.
Keep attribute valuesuitAttributen met dezelfde tag krijgen de waarde van het oude block. Uit: het nieuwe block krijgt de standaardwaarden; bij Selected Blocks de waarden van het vervangende block dat je aanwees.

Positie en rotatie van het oude block blijven altijd behouden.

Typ een commando (bijv. COUNTLIST) of een onderwerp.